vrijdag 25 augustus 2017

Zwem-ABC, wat moet je er mee?

Het diploma Zwem-ABC, wat moet je er mee?
Gedurende mijn lange periode in zwembadland zie ik steeds weer de aandacht uitgaan naar de eisen van de zwemdiploma's. De, te zwemmen, afstanden en/of techniek van de zwemslagen staan dan centraal. Maar waarom eigenlijk?
Een diploma is naar mijn beleving niet meer dan een bewijs dat je tijdens een toetsmoment hebt voldaan aan gestelde criteria. Helaas is een dergelijk bewijs een eigen leven gaan leiden. Het diploma en de eisen zijn verworden tot opleidingsdoel. De zwemtechnieken die je voor dat diploma dient te beheersen idem. En dat vind ik jammer!

Volgens mij is het doel om te leren zwemmen, voorkomen dat je niet verdrinkt bij het te water raken. In veel situaties zal dat gebeuren nabij een oever van een sloot, vallen van een steigertje, terecht komen in dieper water tijdens het natte spelen, etc.

Voor die omstandigheden is volgens mij het kunnen afleggen van grotere afstanden niet belangrijk. Ook de toegepaste stuwbeweging is niet relevant. Zolang je maar aan de kant komt en er weer uit kunt klimmen! Toch?

Dus stel ik in mijn lessen dit thema aan de orde. Waar dienen we mee te beginnen tijdens de eerste lesfase. Wat zijn dan de leerdoelen.
Pas later, zodra het te water raken via vallen en springen, het oriënteren te water (waar is de oever?), het korte stukje water overbruggen met een beweegvorm en het op de kant klimmen, worden beheerst start ik pas met het aanleren van de officiële zwemslagen.
En ook dan maakt het mij niet uit welke slag als eerste wordt aangeboden. Dat laat de leerling wel zelf blijken op natuurlijke wijze.

Gelukkig wordt deze visie steeds meer gedragen. Projecten zoals NL-Zwemveilig en de ontwikkeling van de BREZ-2018 spelen hierop in. Eindelijk.